Ontwerpen en maken: zo geef je dit kerndoel vorm op school

Afgelopen maand gaven we een teamtraining op een basisschool. Toen we vertelden dat ontwerpen en maken ook programmeren omvat, viel er even een stilte. “Wij zijn geen techneuten, hoor”, zei een van de leerkrachten half lachend, en je zag de rest opgelucht knikken. Begrijpelijk, want veel mensen denken bij dit kerndoel meteen aan ingewikkelde code en dure robots. Ter illustratie gaven we het team daarom een korte opdracht, bewust zonder computer: de ene helft beschreef een eenvoudige tekening die de andere helft alleen op basis van die instructies moest namaken, zonder te wijzen of voor te doen. Al snel bleek hoe lastig dat is. Een instructie als “teken een ster” leverde de meest uiteenlopende resultaten op, van vier punten tot acht, groot of klein, recht of scheef. Pas toen elke stap precies werd benoemd, het aantal punten, de grootte en de richting, kwam iedereen op dezelfde tekening uit. Precies dat is de kern van programmeren: een opdracht zo helder en stap voor stap opbouwen dat een ander, of een computer, hem foutloos kan uitvoeren. En zo gaat het bij het tweede kerndoel digitale geletterdheid over veel meer dan code alleen: ontwerpen en maken.

In deze blog leggen we uit wat dit kerndoel inhoudt, waarom het er juist nu toe doet en waar je als school op moet letten.

Wat houdt dit kerndoel in?

Het tweede domein van de kerndoelen digitale geletterdheid heet ontwerpen en maken. Het SLO vat het samen in één kerndoel: de leerling creëert digitale producten. Daaronder vallen twee onderdelen.

Creëren met digitale technologie: Leerlingen gebruiken passende werkwijzen om verschillende soorten digitale producten te maken en te gebruiken, van een animatie of podcast tot een game of een digitaal ontwerp. Ze leren werken in een ontwerpproces: een idee bedenken, het maken, uitproberen en op basis daarvan verbeteren. Dat maken gebeurt dus stap voor stap en in herhaling, niet in één keer perfect.

Programmeren: Leerlingen leren een computerprogramma maken met behulp van computationele denkstrategieën. Denk aan een probleem opdelen in kleinere stappen, patronen herkennen, hoofdzaken van bijzaken scheiden en een reeks instructies (een algoritme) opstellen. In het basisonderwijs gebeurt dit vaak met visueel programmeren, bijvoorbeeld door blokken te slepen. In het voortgezet onderwijs groeit dit door naar complexere opdrachten en, waar passend, tekstueel programmeren.

De rode draad in dit domein: leerlingen zijn maker, niet alleen gebruiker. Ze leren technologie naar hun hand te zetten in plaats van die alleen te consumeren.

Waarom is dit zo belangrijk?

Het belangrijkste woord hier is eigenaarschap. Leerlingen die zelf iets ontwerpen en maken, ervaren dat technologie geen gegeven is dat hen overkomt, maar iets wat zij zelf vormgeven en kunnen veranderen. Dat geeft zelfvertrouwen en een onderzoekende houding.

Daar komt bij dat de manier van denken die je hier oefent, breed inzetbaar is. Een probleem opdelen, patronen herkennen en stap voor stap naar een oplossing werken: dat helpt niet alleen bij programmeren, maar ook bij rekenen, taal en in het dagelijks leven.

En ook hier geldt een duidelijke deadline. Vanaf schooljaar 2027/2028 is digitale geletterdheid verplicht onderwijs voor elke school. Dit domein hoort daarmee straks net zo goed een vaste plek te krijgen als de andere twee.

Waar moet je als school aan denken?

Drie aandachtspunten die we in de praktijk steeds terug zien komen.

Zet het denkproces centraal, niet de tools. Je hebt geen dure robots of een apart computerlokaal nodig om te beginnen. Veel van wat dit kerndoel vraagt, kun je zelfs zonder computer oefenen, bijvoorbeeld door samen een stappenplan te ontwerpen. De techniek is het middel, het ontwerpen en denken is het doel.

Bouw een doorlopende leerlijn. Wat in de onderbouw begint met eenvoudig maken en visueel programmeren, groeit door naar complexere producten en opdrachten in het voortgezet onderwijs. Zonder die opbouw blijft het bij losse maakmomenten.

Investeer in de begeleiding door het team. Een leerkracht of docent hoeft geen ervaren programmeur te zijn, wel iemand die het maakproces durft te begeleiden en leerlingen laat experimenteren, ook als het antwoord niet vooraf vaststaat. Wil je weten waar je team nu staat? Met een gratis nulmeting breng je dat in kaart. Zulke keuzes maak je het sterkst vanuit een gedragen visie en beleid op digitale geletterdheid.

Van losse maakactiviteit naar doorlopende leerlijn

Die basisschool van het begin? Met die ene tekenopdracht was het ijs gebroken: programmeren bleek geen kwestie van techneut zijn, maar van helder denken, ontwerpen en stap voor stap bijstellen. Dat is precies waar dit kerndoel om draait. De stap die daarna komt, van losse maakactiviteit naar een geborgde leerlijn die past bij jouw school, is meteen de grootste. Daar hoef je niet alleen voor te staan.

Wil je sparren over hoe je ontwerpen en maken stevig neerzet, van visie tot uitvoering, met complete ontzorging? Plan een vrijblijvend adviesgesprek met Dé Codeerschool. We denken graag met je mee, gewoon vanuit de praktijk.

Nog niet toe aan een gesprek? Bekijk dan eerst onze diensten of doe de gratis nulmeting om te zien waar je school nu staat.

25 juni 2026

Vond je het een interessante blog?

Schrijf je in en ontvang nieuwe blogs in je mailbox

Maak kennis, helemaal vrijblijvend.

 

Andere relevante artikelen

Laat je inspireren en ontwikkelen met onze verhalen, informatie, tips en actualiteiten.

kerndoel-24-de-gedigitaliseerde-wereld
kerndoel-23-ontwerpen-en-maken
Kerndoel-22-praktische-kennis-en-vaardigheden-
codeerschool-x-vodafone-foundation